De Onze-Lieve-Vrouwekathedraal van Antwerpen, een openbaring.

God verheerlijkt door de kunsten,
glasraam zuiderdwarsbeuk
Jean-Baptiste Bethune, 1872

Kathedraal Antwerpen - 'De verheerlijking van God door de kunsten' , Jean-Baptiste Bethune, Gent, 1872 (WS)

Nadat het barokke raam van koning Filips III van Spanje zware stormschade heeft opgelopen, laat men het in 1802 ‘in het wit zetten’, lees: vervangen door transparant glas. Zestig jaar later laat deze leegte ‘De Koninklijke Maatschappij ter Aanmoediging der Schone Kunsten in Antwerpen’ toe een groots glasraam te bestellen bij de befaamde neogotische glazenier Jean-Baptiste Bethune. Het tweede eeuwfeest van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (1863) en het vierde eeuwfeest van de Sint-Lucasgilde (1864) vormen daar de dubbele aanleiding voor. Niet alleen de kunsten die aan de Academie beoefend worden komen in beeld om God te eren, ook de disciplines van de rederijkerskamers, poëzie en welsprekendheid, de kerkmuziek zo belangrijk voor de liturgie, de filosofie en de theologie, terwijl de economie die dit alles mogelijk maakt, in Antwerpen de maritieme handel, de rij mag openen.

In elk van de acht (verticale) banen wordt een van deze disciplines in beeld gebracht, telkens aan de hand van vier voorstellingen, in even zo veel (horizontale) registers. Van onder naar boven: het wapenschild van wie deze discipline in Antwerpen beoefent, een oudtestamentische figuur die de discipline beoefende. een mannetje met op een banderol de Latijnse naam van de desbetreffende kunstdiscipline. en bovenaan de patroonheilige van deze discipline, die bij voorkeur zelf die discipline beoefend heeft.

Van links naar rechts:

Kathedraal Antwerpen - 'De verheerlijking van God door de kunsten' : de patroonheiligen
Kathedraal Antwerpen - 'De verheerlijking van God door de kunsten' : de oud-testamentische figuren

[1] De rederij · navicularia Noach draagt met een model van de ark, vergezeld van de vliegende duif met de palmtak. Sint-Nicolaas draagt als attribuut de drie ronde goudklompen die hij als bruidsschat aanbood aan arme meisjes om ze uit de prostitutie te houden. Of winst ten dienste van de naastenliefde, en dus van God.

[2] De edelsmeedkunst · metalorum fabrica Het wapen van de Antwerpse edelsmeden toont drie cibories. Omdat hij zo kunstvaardig was in het bewerken van hout, edelgesteenten en metalen kreeg Besalel van Mozes de opdracht de ark van het verbond en de zevenarmige kandelaar in de tempel van Jeruzalem te maken (Exod. 31:1–11). De edelsmid Sint-Eligius houdt een hamertje en een romaans reliekschrijn vast.

[3] De bouwkunst architectura Koning Salomon draagt, als de bouwer van de tempel van Jeruzalem, een model van de tempel. Sint-Barbara, prinselijk gekroond, en als martelares met palmtak is door haar opsluiting in een toren de patrones van toren- en vestingbouwers.

[4] De schilderkunst pictura wordt vertegenwoordigd door het wapen van de ‘Koninklijke Vereniging tot Aanmoediging der Schone Kunsten in Antwerpen’, die met haar Latijnse benaming vermeld staat als opdrachtgever van dit glasraam. Als schildhouder treedt de gevleugelde stier op, het symbool van de evangelist Lucas. Een Israëliet, ‘in linnen gekleed en met een inktkoker aan zijn middel’ brengt volgens het visioen van Ezechiël (9:3-4) een teken aan waardoor mensen gered worden. Dat teken is volgens de kerkvaders een ‘T’ (tau): een voorafbeelding van Jezus’ kruis. De rode kleur ervan verwijst naar het bloed van een lam dat de Joden als teken van redding bij de uittocht uit Egypte (non-figuratief!) aan de deurpost van hun huis aanbrachten (Exod. 12:7.13). De zalige Jacobus Griesinger van Ulm (1407–1491) was glasschilder vóór hij als dominicanenbroeder intrad. Hij tekent een Calvarie, geïnspireerd door de gekruisigde Christus: het teken van redding voor de hele mensheid.

[5] De welsprekendheid · eloquentia is onder meer een discipline van de rederijkerskamers, waarvan de oudste in 1480 in de Sint-Lucasgilde werd opgenomen. Het wapen is dat van de stad Antwerpen, waarvan het bestuur uit rechtsgeleerden was samengesteld. De lippen van de profeet Jesaja worden gezuiverd door een serafijn met een gloeiende kool (Jes. 6:6). Sint-Ivo, advocaat en kerkelijk rechter, in toga en met baret, haalt een perkamentrol met zegel uit zijn aktetas met slot.

[6] De dichtkunst en de wijsbegeerte · poesis et philosoph(ia) met het wapen van de rederijkerskamer ‘De Goudbloem’. De profeet Ezechiël die van God de opdracht krijgt om de mensen toe te spreken en die woorden te noteren in zijn boek, houdt in de handen een boek, waarop vier gevleugelde wielen staan want hij zag God neerdalen op vier gevleugelde wezens op vier verstrengelde karrewielen (Ez. 1:15-21). Volgens de overlevering zou de koningsdochter Sint-Catharina van Alexandrië de filosofen die haar van het christendom moesten afhouden tot het christendom hebben bekeerd. Omdat de eerste poging haar te doden op het rad mislukte, werd zij onthoofd met het zwaard, vandaar haar attributen.

[7] De theologie · theologia Boven het wapen van de Sint-Michielsabdij van Antwerpen, gesticht door Norbertus, staat Mozes met de stenen tafelen der wet, oftewel de Tien Geboden, met links de cijfers I tot III voor de goddelijke geboden, rechts de cijfers IV tot X voor de geboden die de relatie onder de mensen regelen. De torenmonstrans die Sint-Norbertus vasthoudt, alludeert op zijn optreden in Antwerpen tegen de ketterijen van Tanchelijn.

[8] De muziek · musica Boven het wapen van de Stadsspeellieden begeleidt Koning David het zingen van de psalmen met een harp. Sint-Cecilia, de patrones van de kerkmuziek, draagt het model van een positieforgel.

Kathedraal Antwerpen - 'De verheerlijking van God door de kunsten' : het maaswerk

In het maaswerk: 1-2-3: De Heilige Drievuldigheid. God de Vader op een troon, gekleed in keizerlijk purper, zegent de mensheid. Christus is gekleed in het rood (van de liefde die bereid is zijn bloed te geven) en gehuld in een groene mantel (teken van hoop en nieuw leven). Het groenhouten kruis in T-vorm staat voor het geloof en Jezus’ liefde-offer, in zijn handen is het boek des levens opengeslagen op de pagina’s met ‘A en O’. De witte duif verzinnebeeldt de Heilige Geest. Twee engelen zwaaien met een wierookvat God lof toe. Wit en blauw, de kleuren van Maria’s Onbevlekte Ontvangenis, zijn sinds de verschijningen in Lourdes in 1854 haar typerende kleuren. Sint-Lucas, de patroon van de kunsten en in het bijzonder van de schilderkunst, geniet de eer iconografisch rechts van Jezus opgesteld te zitten. Hij ‘beschrijft’ Maria en Kind met een penseel – volgens de legende schildert hij hen naar het leven, alhoewel het Jezuskind bij Maria op het glasraam niet voorkomt. Op de banderol in de muil van zijn attribuut, het rund, staat een parafrase van het beginvers van het Lucasevangelie (1:1): ‘Quid nam multi conatus’ (wat velen hebben getracht). Dit slaat natuurlijk op het (apocriefe) verhaal van de portretschildering van Maria en Kind. De apostel Sint-Thomas, die tijdens zijn missie in Zuid-India door hindoefanaten gedood werd tijdens de bouw van een kerk, is daarom de patroon van de architecten. Zijn attribuut is hier een maquette van een oosterse kerk.

Onderaan in het maaswerk prijken de emblemen van de belangrijkste rederijkerskamers. Links zien we De Goudbloem, tweemaal in het midden De Violieren en rechts De Olijftak. Links en rechts in het maaswerk: banderollen met aanroepingen van de patroonheiligen in rijmvorm.

In 1836 wordt Antwerpen via het spoor met Mechelen en Brussel verbonden. Voor een meer geordende tijdrekening bij het opkomend spoorwegverkeer geeft de regering van het jonge België in dat jaar aan Adolphe Quetelet, de directeur van de toenmalige Sterrenwacht van Brussel (nu in Ukkel), de opdracht om de tijdmeting in de steden nauwkeuriger te bepalen op basis van de lokale middelbare zonnetijd. Hiervoor wordt een veertigtal reuzenmeridiaanlijnen geïnstalleerd. Een hiervan komt in 1838 in de vorm van een koperen lijn in de dwarsbeuk van deze hoofdkerk. De lichtopeningen werden behouden in het neogotische raam, links boven en onder. In de winter valt de lichtvlek perfect op de koperen lat in de noorderdwarsbeuk vermits de zon op het middaguur op 21 december het laagst staat, in de zomer in de zuiderdwarsbeuk, vermits ze dan op 21 juni het hoogst staat. Omdat door de aanleg van het marmeren altaarpodium in de viering bovenop de koperen lat, de lichtvlek daar sinds 1993 sowieso onduidelijk is en voor iemand op de begane vloer niet meer zichtbaar, heeft men een nieuwe, derde, opening gemaakt zodat de zon onder een andere hoek in de kathedraal binnenkomt en de lichtvlek verder in de noordbeuk op de koperen lat valt.