De Onze-Lieve-Vrouwekathedraal van Antwerpen, een openbaring.

 Lof aan Onze-Lieve-Vrouw:
de Mariakapel

Kathedraal Antwerpen - De Tenhemelopneming processie (UA)
Kathedraal Antwerpen - De Tenhemelopneming processie (UA)

Het Mariabeeld 

Meer dan duizend jaar al vertrouwen kerkgangers hier hun lief en leed toe aan God op voorspraak van Maria, patrones van de kerk en de stad Antwerpen. In 1399 wordt de eerste jaarlijkse Onze-Lieve-Vrouwe-ommegang of -processie gehouden. Deze is vastgesteld op de zondag na Maria-Tenhemelopneming (15 augustus) en is eeuwenlang voor de Antwerpenaren een van de feestelijke hoogtepunten van het jaar. Onder meer Albrecht Dürer is er getuige van. Om het speelse niet de overhand te laten krijgen, wordt de stoet in 1761 eeuw ontdubbeld in een profane ommegang en een godsdienstige processie. Deze laatste gaat door tot in de jaren 1960 en is sindsdien vervangen door een processie binnen de kathedraal.

Kathedraal Antwerpen - Maria's Tenhemelopneming (UA)

In het vooruitzicht van de voltooiing van de Mariakapel in de noordbeuk staat de nieuwe Gilde van Onze-Lieve-Vrouw-Lof daar sinds 1478 voor klaar. Aanvankelijk bestaat de kapel slechts uit de meest oostelijke travee, waar de gewelfsleutel (ca. 1481) met De Boodschap de uitverkiezing van Maria weergeeft. Tijdens de Beeldenstorm van 1566 wordt het Mariabeeld ernstig toegetakeld, maar het ontsnapt aan definitieve vernieling doordat het tijdens het calvinistische bestuur in 1581 in de woning van een gildelid achter een muur is ingemetseld. Het Mariabeeld uit de 16de eeuw overleeft ook het Frans Revolutionair Bewind omdat het in een private kelder is verstopt – l’histoire se répète. Op 15 augustus 1899, ter gelegenheid van het 500-jarig jubileum van de Onze-Lieve-Vrouwprocessie, komt, namens paus Leo XIII, kardinaal-aartsbisschop Petrus Goossens het beeld plechtig kronen. Karel Ooms schildert deze heuglijke gebeurtenis in het medaillon van een processievaandel dat nu de kapel siert. Van de 300 ringen en vele honderden edelstenen door Antwerpse gelovigen geschonken, vervaardigt edelsmid Jos Junes een kroon van onschatbare waarde. Enkel ter gelegenheid van het patroonsfeest van Maria-Tenhemelopneming op 15 augustus krijgt het beeld de kroon opgezet. De kledij van Maria varieert doorheen het jaar naargelang de voorgeschreven liturgische kleur.

Kathedraal Antwerpen - Het Maria-altaar (WS)

Het altaar

Het barokke altaar dat naar aanleiding van het 200-jarig jubileum van de Gilde op 14 augustus 1678 wordt gewijd, is opgevat als een soort troon voor het beeld van Onze-Lieve-Vrouw. Onderaan geven de vier witmarmeren reliëfs van Artus II Quellin voorname taferelen uit het leven van Maria weer: De Boodschap, Het bezoek aan Elisabeth, De opdracht van Jezus in de Tempel en De Tenhemelopneming. Zij tonen aan hoe ook de barokke beeldhouwkunst voor de beeldvoorstelling schatplichtig blijft aan Rubens. Hun bozetti zijn gelukkig bewaard in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België in Brussel. Om een idee te krijgen hoe het altaar boven de kroonlijst verder zou uitgebouwd worden en om de altaarwijding en het bijhorende bidprentje met altaarafbeelding een feestelijker cachet te geven, wordt in hetzelfde jaar boven de kroonlijst een geschilderd doek met het project van Peter I Verbrugghen opgehangen. In de altaarbekroning reikt God de Vader Maria de kroon aan. Engelen rondom Hem houden elk een Mariasymbool vast uit de litanie van Onze-Lieve-Vrouw: bovenaan drie hemellichamen met links Mooi als de maan (Hooglied 6:10a), centraal Uitgelezen als de zon (Hooglied 6:10b) en rechts een ster, die zowel kan verwijzen naar De Morgenster (Jezus Sirach 50:6) als naar Ster der zee. Daaronder, dichter bij de grond, twee bouwwerken: links een huis – Gouden huis of Huis van Wijsheid (Spr. 9:1) – en rechts een toren: Ivoren toren (Hooglied 7:4) of Toren van David (Hooglied 4:4).

In 1825 reconstrueert Jacob II van der Neer het oorspronkelijke barokke altaar, waarvoor hij – dankzij hun confiscatie voor de École Centrale – dankbaar gebruik kan maken van de originele kolommen en predellareliëfs.

Naar aanleiding van haar vierde eeuwfeest, in 1878, wil de Gilde van Onze-Lieve-Vrouw-Lof de kapel over haar hele lengte kleuren met een reeks van vijf neogotische glasramen naar de richtlijnen van stadsarchivaris Pieter Genard ontworpen door Pieter Van der Ouderaa en uitgevoerd door het atelier Stalins – Janssens (1878–1885). Zij schetsen de Mariaverering binnen deze kerk, deels aan de hand van enkele belangrijke historische momenten, van oost naar west:

Kathedraal Antwerpen - 1ste glasraam in de Mariakapel - Onze-Lieve-Vrouw, patrones van Antwerpen (August Stalins en Alfons Janssens, Antwerpen, 1878) (WS)

[1] Het eerste in de rij (1878), ook letterlijk vlakbij het altaar, is Onze-Lieve-Vrouw, patrones van Antwerpen, een gift van koning Leopold II en koningin Maria Hendrika, vandaar ‘het Koninklijke raam’ genoemd. Elk van de toenmalige negen Belgische provincies wordt vertegenwoordigd door haar patroonheilige. Gezien het belang van Maria als voornaamste heilige staat zij centraal – overigens naast haar echtgenoot Jozef, die de patroonheilige van België is. Merk hoe ook Antwerpen deelt in de centrale positie van haar patrones te midden van de andere provincies.

Kathedraal Antwerpen - 2de glasraam in de Mariakapel - Onze-Lieve-Vrouw op het Staakske (Stalins en Janssens, 1878) (WS)

[2] Onze-Lieve-Vrouw-op-het-staaksken (1878) is een gift van een vooraanstaande familie die anoniem wilde blijven. Alle lagen van de bevolking komen Maria vereren. De legendarische Onze-Lieve-Vrouw-op-het-Staaksken is te herkennen aan de boomstronk (‘staakje’) die het (imaginair) middeleeuws Mariabeeldje draagt. Het tafereel wordt kleurrijk omzoomd door wapens van burgerlijke overheden, kerkelijke instellingen en van gilden, broederschappen en ambachten, vandaar de naam ‘Het Historisch Glasraam van de Stad Antwerpen’.

Kathedraal Antwerpen - 3de glasraam in Mariakapel - De instelling van het Gilde van Onze-Lieve-Vrouw Lof in 1478 (Stalins en Janssens, Antwerpen, 1881) (WS)

[3] De instelling van de Gilde van Onze-Lieve-Vrouw-Lof in 1478 (1881), geschonken door een lid van de Venerabelkapel, Petrus Heesmans, en zijn echtgenote Eugenia Ceulemans, die volgens het onderschrift een grote verering hebben voor Onze-Lieve-Vrouw van Lourdes, wat ook blijkt uit de voorstelling in het maaswerk. In een laatgotisch kerkinterieur, waarin men de Sint-Jozefkapel van de kathedraal herkent, worden de stichters van de gilde door een priester gezegend. In de randversiering prijken de wapenschilden van adellijke families die eertijds verbonden waren met de gilde.

Kathedraam Antwerpen - 4de glasraam in Mariakapel - Alexander Farnese biedt de sleutels van de stad Antwerpen aan Onze-Lieve-Vrouw aan (1585) (Stalins en Janssens, Antwerpen, 1884) (WS)

[4] Alexander Farnese biedt de sleutels van de stad aan Onze-Lieve-Vrouw aan (1884). Gouverneur-generaal Alexander Farnese, hertog van Parma, heeft zich na zijn herovering van Antwerpen, op 27 augustus 1585 naar kathedraal begeven om er naar de gewoonte van die tijd wanneer een nieuwe vorst of landvoogd aantrad, het gezongen Te Deum bij te wonen. Hij huldigt er ook uitdrukkelijk Maria voor ‘de overwinning die hij aan haar te danken heeft’: een belangrijke symbolische geste, die aangeeft dat Antwerpen voortaan opnieuw het katholicisme zal aanhangen. De vrome overlevering heeft dit gebaar nog meer verve willen gegeven door het voor te stellen als de aanbieding van de stadssleutels. De gemijterde prelaat die hier staat voor het goedkeurende oog van de Kerk, kan enkel de abt van de Sint-Michielsabdij voorstellen vermits de bisschopsstoel van Antwerpen op dat moment vacant was.

Kathedraal Antwerpen - 5de glasraam in Mariakapel - De wijding van het Onze-Lieve-Vrouw van Lourdesbeeld door monseigneur Deschamps (Stalins en Janssens, Antwerpen, 1885 ) (WS)

[5] De wijding van het Onze-Lieve-Vrouw van Lourdesbeeld door mgr. Deschamps in 1873 (1885). Dit is een gift van mevrouw weduwe Wagemans, die daarmee gevolg geeft aan de testamentaire wilsbeschikking van haar overleden echtgenoot. De devotie tot Onze-Lieve-Vrouw van Lourdes boomt al snel in de tweede helft van de 19de eeuw. In vele kerken wordt een beeld van haar opgesteld, soms, zoals hier in de kathedraal, enkel tijdelijk voor dat specifieke feest op 11 februari. Achter mgr. Victor-August Deschamps, aartsbisschop van Mechelen, staat pastoor-deken Petrus Sacre. Kerkmeesters Jan Ullens en Jacobus Fuchs zijn uitverkoren voor een portretweergave, waarschijnlijk omdat beiden met meer dan 20 jaar dienst de langst dienende leden van de kerkfabriek zijn. In de randversiering loopt de reeks wapenschilden van ambachten en gilden van het ‘Historisch Glasraam’ verder. Geheel bovenaan prijkt het wapen van mgr. Deschamps, dat aangepast is aan zijn verheffing tot kardinaal in 1875.

Kathedraal Antwerpen - 6de glasraam in Mariakapel - De afkondiging van het dogma van de Onbevlekte Ontvangenis in 1854 (Edouard Didron, Parijs, 1873) (WS)

[6] De afkondiging van het dogma van de Onbevlekte Ontvangenis van Maria in 1854 (Edouard Didron, 1873). Deze gift van het echtpaar Albertus Havenith en Rosalia Le Brasseur wordt aanvankelijk naast het altaar geplaatst, maar deels omwille van stijlkritiek, deels omdat het stilistisch niet aansluit bij de andere glasramen. Deels naar aanleiding van de koninklijke gift van het eerste glasraam in 1878, moet het wijken naar een meer bescheiden plaats achteraan in de beuk. Omgeven door engelen zit Maria, Onbevlekt Ontvangen, aan de rechterkant van Christus. Een vijftigtal personages – Bijbelse figuren en heiligen – delen in haar vreugde in de hemel. Onder hen is ook paus Pius IX, die het dogma afkondigde, maar zich keert naar de naamheiligen van de beide schenkers.

Mede dankzij de geïdealiseerde stijl kwam de geschilderde reeks De Zeven Smarten van Maria (door Jozef Janssens in 1903–1910) via reproducties in menig burgerinterieur.