Epitaaf van de Augustijnen – protestantse martelaren

Eeuwenlang werd het martelaarschap van de Augustijnse monniken, sympathisanten als ze waren van Luther, enkel gevierd door protestantse christenen. Vanuit katholieke zijde kunnen we vandaag deze stilte doorbreken: sinds 2004 wordt hun nagedachtenis niet enkel ergens ver weg herdacht maar ook in hun eigen huis, hier in de katholieke Sint-Andries kerk wiens oorsprong teruggaat op de Augustijnse monniken. De tekst van de herdenkingsplaat luidt:

“Gelukkig die vervolgd worden om de gerechtigheid;

hun behoort het rijk der hemelen.”  (Mt. 5:10)

Hier vestigden zich de Augustijnen van de Saksische Provincie.

In 1513 openden deze monniken een kapel

als aanzet voor de bouw van een klooster en van deze kerk.

Hier vond de eerste Lutherse prediking in Antwerpen plaats.

Hier leefden de Augustijnen Hendrik Voes en Jan van Essen

die om hun Lutherse sympathieën

in Brussel op 1 juli 1523 werden terechtgesteld.

In hetzelfde jaar werd het klooster

op bevel van Margareta van Oostenrijk opgeheven.

In verwarde en verwarrende tijden

hebben ook zij Christus’ Woord gepredikt…

« Eyn newes lied wyr heben aan… »

(lied van Martin Luther ter ere van de beide medebroeders-martelaren)