Het hoogaltaar van de St-Andrieskerk

In marmer; reliëfs onderaan: Peter I Verbrugghen, 1665; beelden: Willem Ignatius Kerricx, 1729

De blikvanger in deze kerk is het barokke altaar in marmer dat de volledige breedte van het koor inneemt. Oorspronkelijk stond het in de cisterciënzer­abdij St.-Bernardus te Hemiksem, bij Antwerpen. Na de opheffing van de abdij door het Frans Revolutionair Bewind wordt het via de Schelde vervoerd tot zijn huidige bestemming. Het enorme gevaarte zal er maar net in passen.

De standbeelden van de twee stichters van de cisterciënzerorde verwijzen naar de herkomst: rechts, St.-Robert van Molesmes met een kerkmodel, links St.-Bernardus van Clairvaux – de spirituele bezieler van de orde, met … een bijenkorf. Zijn populaire preken gaven hem de bijnaam ‘de honingvloeiende leraar’.

We aanschouwen een heuse theateropvoering: vol verbazing uiten de levensgrote figuren hun verwondering bij de tenhemelopneming van Maria, die omgeven wordt door de stralenkrans van Gods glorie. In de zomer wordt dit altaar speels verlicht tot valavond, waarbij elke figuur magistraal tot leven komt.

De marmeren reliëfs beelden de Eucharistie uit: in het midden de historische verwijzing naar het Laatste Avondmaal met een rijke 17de-eeuwse tafelbekleding; op de zijpanelen brengen putti en engeltjes vrolijk wijn, druiven, en korenmangels aan voor de heilige maaltijd. Merk je de twee engeltjes die de liturgische instrumenten aanreiken voor de handenwassing en de bewieroking?