De Antwerpse Sint-Andrieskerk, een openbaring.

Sint-Andreas in zijn Sint-Andrieskerk

Als windwijzer stond Andreas een poosje boven op de vorige kerktoren over zijn parochie te waken. Nu staat hij ter verwelkoming boven de hoofdingang. Tot in 1929 stapte zijn beeld in de processie mee op in feestelijk bisschopsornaat. Nu staat dat neogotisch geschilderde processiebeeld (ca. 1600?) met zijn karaktervolle kop ter verwelkoming bij de zijingang in de zuiddwarsbeuk.

Menige ceremoniestaf, processievaandel, altaarkruis, collecteschaal, genootschapsboek of -lijst draagt de beeltenis van de patroon van de parochie. Zijn embleem, het sint-andrieskruis, tekent de kerk aan het torenkruis, op de kerkvloer, boven de preekstoel en signeert ook de tabbaarden, de kerkmeesterstoelen, het briefpapier en zelfs een brandkastmeubel van de kerkfabriek.

In de kerk zelf ontwikkelde men door de eeuwen heen een minilevensloop van de heilige. Aanvankelijk genoot hij op het vroegere hoofdaltaar de ereplaats, zodat zijn Marteldood (Otto van Veen) de blikvanger vormde. Het laat-17de-eeuwse altaar project plande, typisch voor de Contrareformatie, de apotheose van de heilige met een beeldengroep die letterlijk in het licht van een barokke koepelruimte zou staan, maar dit ontwerp werd niet uitgevoerd. Omdat het altaarschilderij van van Veen in 1807, bij de oprichting van het huidige hoofdaltaar, moest uitwijken naar een minder opvallende zijmuur van het koor, krijgt de patroonheilige opnieuw de volle aandacht in het grote glasraam van de zuiddwarsbeuk (atelier Bar[r]y, 1920). In het onderste register zit hij geknield voor zijn martelkruis, niet fatalistisch, maar hunkerend om het te omarmen. Daarboven wordt ditmaal ook zijn verheerlijking in de hemel uitgebeeld: samen met zijn broer Petrus wordt hij door Jezus ontvangen.

Aan de voet van de huidige preekstoel (1821–1825) inspireert zijn roeping eenieder die komt luisteren naar de kracht van Jezus’ boodschap.

Het barokke Heilig-Kruismonument – detail: St. Andreas