De Antwerpse jezuïetenkerk, een openbaring.

De plafondcycli

De heilsgeschiedenis
(Peter Paul Rubens) 

In de kerken van de Zuidelijke Nederlanden verwacht je de barokschilderkunst frontaal te zien op altaren en muren, maar de Antwerpse jezuïeten betrekken de hele beschikbare ruimte in hun kunstbeleid. Voor Peter Paul Rubens is de geloofsijver van de Sociëteit een buitengewone kans om een weergaloze serie van maar liefst 39 plafondschilderijen te realiseren. 34 onderwerpen zijn in een provisorische lijst vastgelegd door de praepositus van het professenhuis, pater Jacobus Tirinus. Hij sluit het contract – ter waarde van 7.000 florijnen – af met de Antwerpse grootmeester op 29 maart 1620. Rubens moet de ontwerpen maken en mag ze door zijn atelier laten uitvoeren, maar zo nodig moet hij zelf corrigeren. Het hele ensemble moet geleverd worden vóór de kerkwijding.

Plan van de heiligen op de plafonds van de benedenverdieping
Plan van de Heilsgeschiedenis (Oude en Nieuwe Testament) op de plafonds van de bovenverdieping

Eens de gekleurde ontwerpen door de jezuïeten zijn goedgekeurd, dienen ze als model voor de leerling-uitvoerders. De 21-jarige Antoon Van Dyck wordt als belangrijkste medewerker vermeld en krijgt de leiding bij de uitvoering van Rubens’ tekeningen op ware grootte, maar vóór het einde van dat jaar vertrekt hij naar koning James I van Engeland. Van de grotere olieverfschetsen zijn er nog 22 bewaard en van de voorstudies in grisaille kent men er nog 17, verspreid over kunstcollecties in de gehele wereld. Na de fatale brand van 1718 waarin alle 39 doeken in de vlammen opgaan, vormen de schetsen de belangrijkste iconografische bron voor de kennis van de oorspronkelijke plafondcyclus, samen met de tekeningen die Jacob de Wit (1712) en Christian Benjamin Müller (nog net in 1718!) ter plaatse naar de originele cyclus maken en die als gravure worden uitgegeven.

37 schetsen door Christian Benjamin Müller zijn in het bezit van het Antwerpse Prentenkabinet. Via deze link komt u op de zoekpagina van het Prentenkabinet. Als u daar in het zoekveld “müller christian benjamin” invult en daarbij kiest voor het prentenkabinet kan u al deze schetsen online bekijken.

De plafonds van de langwerpige bovengalerijen worden door de jezuïeten aangewend voor de lineaire loop van de geschiedenis, meer bepaald de christelijke heilsgeschiedenis. De opdrachtgevers zijn erop uit om de bezoekers te doordringen van Gods Liefde die al eeuwenlang de mensheid tot een hemels geluk wil voeren. Elke travee van het horizontale plafond toonde een belangrijk moment. Ter inleiding was er het mysterie van het kwaad waar elke mens willens nillens mee opgezadeld zit. Het eerste ontwerp De uitdrijving van Adam en Eva uit het aards paradijs werd vervangen door De val van de opstandige engelen. Als antwoord op dit kwaad breekt Gods goedheid doortastend door in Zijn Zoon. De belangrijkste scènes van Jezus’ leven werden nog volgens de middeleeuwse typologie benaderd, dat wil zeggen telkens voorafgegaan door een parallel tafereel uit het Oude Testament. De cyclus eindigde hoopvol bij de vervulling van Gods droom: Maria, steeds bereid om positief te reageren op een uitnodiging van God, wordt als eerste der mensen het eeuwig geluk in geprezen, gesymboliseerd door haar kroning in de hemel. Jezus’ zending gaat verder in de Kerk, die op het plafond van de zijbeuken onderaan vertegenwoordigd werd door een serie heiligen, met een evenredig aantal mannen en vrouwen.

Het plafond van de westelijke travee, aan de hoofdingang, biedt de jezuïeten de gelegenheid om hun loyauteit tegenover de opperste wereldlijke gezagsdragers uit te drukken. Voor het onpare aantal cassetten vinden de jezuïeten een echte diplomatieke oplossing. De aartshertog krijgt met zijn (mannelijke) patroon Sint-Albertus de ereplaats die hem toekomt in het midden, terwijl hij geflankeerd wordt door twee (vrouwelijke) patroonheiligen van zijn echtgenote: Elisabet (in het Spaans ‘Isabella’) en Clara. Bewondering leidt tot kopie en inspiratie. De bewondering van Sir George Chaworth, gezant van koning James I, voor de plafondschilderingen zal leiden tot Rubens’ opdracht voor het plafond van Banqueting House bij de heropbouw van White Hall in Londen.