7de NACHT VAN DE KERKEN in Antwerpen
zaterdag 11 augustus 2018 van 19 tot 23 u.

SINT-CATHARINAKERK

Antwerpen-Kiel

Barok in openlucht

De beiaard van de Sint-Catharinakerk op het Kiel is één van de weinige beiaarden in België die eigendom zijn van een kerkbestuur. Het is een vrij nieuwe beiaard uit 1993 en elke zomer zijn er op zaterdag of zondag beiaardconcerten. Sint-Catharina heeft een slanke toren met niet erg veel ruimte voor grote klokken. Daardoor hangt er nu een lichte, verfijnde beiaard, bijzonder geschikt om barokmuziek te spelen.

Speciaal voor deze 7de nacht van de kerken verhuist het wekelijkse concert van 16 u. naar een later uur: 19 u. Een uur lang speelt huisbeiaardier Ludo Van den Bos barokmuziek.

TIP: begin hier uw tocht langs de Antwerpse kerken en geniet van barokmuziek in de openlucht, in de tuin van de pastorij, met een drankje en met de vaste concertgasten.

Programma

19.00 u.: beiaardconcert met werk van barokmusici. In de tuin van de pastorij naast de kerk.

meer informatie over de Sint-Catharinakerk op deze pagina binnen de TOPA-website

 

Praktisch

Adres: Sint-Catharinaplein 1, 2020 Antwerpen (Kiel)
TreinNMBS
Antwerpen Zuid + tram 4 of 10 (Kielpark)
TramDe Lijn 4, 10 (Kielpark)
Bus 1, 13 (Stedelijke Sporthal), 290, 295, 298 (Kielpark)
FietsstationVELO-Antwerpen Velo 295 Stedelijke Sporthal, 294 Den Tir, 292 Kielpark

DE KERK VAN SINT-CATHARINA OP HET KIEL

 Geschiedenis

Van “kleine kapel tot grote neoromaanse kerk” dekt hier een zeer bewogen geschiedenis van het Kiel. “KYLE” duidt op een bocht in de Schelde, een “waterdiepte” tussen twee zandbanken, zoals Floris Prims het uitdrukt. Vanaf de 14de eeuw spreekt men van Hoog-Kiel en Laag-Kiel. Wateroverlast en onhoudbare oorlogstoestanden moesten overwonnen worden, vooraleer deze parochie op het droge stond en uit de wind van de turbulente geschiedenis van Antwerpen, waarbij de Kielenaars moesten optornen tegen een sterk Onze-Lieve-Vrouwekapittel en de avances van de opkomende St.-Laurentiusparochie.

Palend aan de gronden van de St Michielsabdij aan de Schelde, bouwde Hugo Nose, beëdigd schepen van de stad Antwerpen, in 1246 met toestemming van de bisschop van Kamerrijk een piepkleine kapel, afhankelijk van de moederkerk, waar amper acht mensen achter het altaar konden plaats nemen. Ze was toegewijd aan “St.-Catharina op de Berg Sinaï ”. Deze heilige was een vrouw van wijsheid en kennis die in 307 de woede opwekte van Keizer Maxentius omdat de verzamelde geleerden zich door haar overredingskracht lieten bekeren. Ze wordt geradbraakt op een wiel dat door hemelse inmenging breekt, maar haar daarna onthoofdt. Daarom wordt ze voorgesteld met wiel en zwaard. De legende vertelt dat zij door engelen naar de berg Sinaï werd gedragen, vanwaar pelgrimerende kruisvaarders relikwieën meebrachten. Was Nose zo een pelgrim, vraagt Floris Prims zich af in zijn Geschiedenis van het Kiel (Antwerpen 1938).

Rond 1324 bouwen de Kartuizers van Edingen met het akkoord van het Antwerpse O.-L.-Vrouwkapittel van hier een klooster rond het gebouwtje, want er was betwisting over de wettelijkheid van de gronden van Hugo Nose en de kapel stond te verkommeren. Deze priorij had niet veel parochiale rechten. De mannen was het toegelaten de eredienst te volgen in de kloosterkerk, de vrouwen in de kleine kapel. Alleen de paters mochten op het kerkhof begraven worden.

Wanneer in de 16de eeuw Maarten van Rossum een bedreiging wordt voor Antwerpen, beslist de magistraat klooster en huizen plat te branden om dit leger geen verschansing te bieden. Alleen de kleine kapel overleeft. De Karthuizers vertrekken naar Lier en de mensen van het Kiel zijn aangewezen op de parochie van St.-Joris.

De oud-parochianen blijven ijveren voor een eigen parochie. In 1563 is het zo ver, de Kielenaars mogen hun kapel vergroten, ze worden een parochiekerk. De vreugde was van korte duur. Bij de oprichting van “Het Kasteel van Alva”, houdt de parochie op te bestaan.

In 1683 wordt een grotere kapel gebouwd nadat de Drossaerd en de Schepenen een verzoekschrift hadden gericht tot bisschop Van Breuseghem. Ze zal haar rechten moeten verdedigen tegen de nieuw opgekomen St.-Laurentiusparochie. De mensen mogen kiezen waar ze begraven worden, want de kapel wordt nog steeds omringd door de begraafplaats van de Kartuizers.

De perikelen houden voor de Kielenaars niet op: door de Successieoorlog, zal onder het Oostenrijks bewind, de inval van de Fransen onder leiding van Lodewijk XV, noodlottig worden voor de Kielse gemeenschap. Weer wordt de vlam in de gebouwen gestoken weliswaar nadat de kerkgoederen in veiligheid waren gebracht. Onder het desastreuse Franse bewind wordt de Heerlijkheid van het Kiel afgeschaft en in 1795 worden alle kerkelijke goederen verkocht maar … gekocht door Kielenaars zodat in 1800 de diensten opnieuw kunnen starten. Door tegenkantingen van de St-Laurentiusparochie volgt echter een ware overlevingsstrijd. De Kielenaars winnen het pleit maar dan lijdt de plek onder het aanleggen van de scheepswerven op de gronden van de St.-Michielsabdij, de uitbreidingen van de zuiderbolwerken en de laatste stuiptrekkingen van de Nederlandse generaal Chassée. Met de latere aanleg van de Brialmontvesting in 1865 zal de kapel ten slotte helemaal verdwijnen.

De huidige 19de-eeuwse neoromaanse kerk

Nieuwe start! Op 16 september 1862 wordt de Kerkfabriek opgericht. E.H. Danis is de eerste pastoor.
Op 16 januari 1863 is het dan zover: omwille van de militaire erfdienstbaarheden, mag er in eerste instantie maar een houten kapel opgericht worden. In februari van hetzelfde jaar wordt de Kerkraad geïnstalleerd. Na 1864 worden de krijgserfdienstbaarheden opgeheven en kan men denken aan de bouw van een stenen kerk, nabij het oude kerkhof. Doch de hogere overheid aanvaardt de uitgekozen plaats niet om gezondheidsredenen en de Stad wordt verplicht naar andere gronden uit te kijken. Het gekissebis zal nog tot 1869 duren.

Stadsbouwmeester P.J.A. Dens levert het definitieve ontwerp. Hij laat zich inspireren door de romaanse stijl. De Antwerpse aannemer van openbare werken, J. Lefebure, start de bouw in januari 1870. De kerk wordt ingewijd in oktober van hetzelfde jaar (volgens een andere bron 23 juli 1877).

De kerk was gebouwd op een oppervlakte van 648m² op een plein van 41 m. breed en 70 m. lang en stond op ongeveer 100 m. van het kerkhof. Ze kon plaats bieden aan 775 personen.

Al snel bleek de kerk te klein voor de grote bevolkingsgroei. De vergroting in 1912/14 door architect J. Bilmeyer, behield alleen drie traveeën van het schip. In 1956 werden nogmaals veranderingen aangebracht: een nieuwe zijingang in het zuidelijk transept door E. Goossens.

De beiaard: reeds van in 1910 zorgt de muziekminnende pastoor Stockmans voor orgel en beiaard.
Luid- en beiaardklokken werden gegoten door de firma Felix van Aerschodt uit Mechelen. De beiaard overleefde wel de beide wereldoorlogen, zelfs de luidklokken ontsnapten aan de Duitsers omdat ze met een truukje aan de beiaard waren vastgemaakt, maar de kleinzoon uit de familie kocht het spel integraal op. Zo was er plaats voor een nieuwe beiaard.

De beiaard werd gegoten in 1993 door Petit & Fritsen B.V., Aarle-Rixtel, Nederland. De 47 klokken wegen samen 1820 kg. Kenmerken: Mechels tuimelaarsysteem met automatisch spel, speeltrommel van 72 maten gegoten door Albert Cloetens, Mechelen, 1913.

Huidige beiaardier sinds 1993: Ludo Van den Bos (°1953).Bron: www.topa.be