Op reis in eigen stad

Een BERGWANDELING in Antwerpen

Rubenshuis

In het Rubenshuis verwacht men allereerst het talent van de heer des huizes te bewonderen. Toch is het aantal werken van zijn hand hier beperkt. Rubens had zelf ook een uitgebreide kunstverzameling opgebouwd. Daar is al iets meer van ter plaatse. Verder heeft men de museumcollectie gestaag uitgebreid met meubels, huisgerei en kunstwerken uit de tijd van de Vlaamse grootmeester. Landschappen tref je er aan als apart genre, hetzij als decoratieve achtergrond bij portretten en historiestukken. En bergen maken nu eenmaal meer indruk dan lage landen.

Voor de evolutie van de landschapsschilderkunst en daarin het bergmotief, zie Museum Mayer van den Bergh. Zoals meer gespecialiseerde tijdgenoten die zich op landschappen toeleggen, brengt Rubens in zijn bucolische Brabantse landschappen de ideale, haast paradijselijke natuur in beeld, waarin mens en natuur in harmonie bestaan. Het baroklandschap weerspiegelt levenskracht maar ook emotionaliteit die tot uiting komt in de soms dreigende luchtpartijen en krachtige toetsen.

De Kunstkamer van Cornelis van der Geest (gesigneerd en gedateerd “G. v. Haecht”; Willem Van Haecht, 1628), overigens een Vlaams topstuk, is echter nog in restauratie, door het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK) in Brussel. Het einde van de restauratie is voorzien voor het voorjaar van 2021.

Een selectie:

BERGEN IN DE SCHILDERKUNST

LANDSCHAPPEN IN RELIGIEUZE TAFERELEN

Dit paneel is een zeldzaam bewaard werk uit Rubens’ beginperiode voor zijn vertrek naar Italië in 1600. De stijl is nog sterk onderhevig aan zijn voornaamste leermeester Otto van Veen. De afgelijnde weergave van de personages en het landschap is nog vrij statisch en precies. Het kleurengebruik blijft beperkt tot de koele tinten van groen en blauw. Om des te meer op de zondeval van het eerste mensenpaar te focussen staan de naakte Adam en Eva geheel op de voorgrond die links door een rots met daarachter een hoge rotspartij en rechts door een boom wordt afgebakend. Toch laten zij nog een centraal dieptezicht op het paradijs toe. De donkere kleuren van de natuur (het bruin van de lage rots en boomstam in combinatie met het groen van het gebladerte) zorgt dan voor des te meer contrast met hun naakt lichaam.

Het woeste Bijbelse land als decor voor het optreden van Johannes de Doper in (een oase in) de woestijn, in de omgeving van de Jordaan.

BERGEN IN MYTHOLOGISCHE TAFERELEN

De Romeinse godin Diana, herkenbaar aan een diadeem versierd met een wassende maan, achtervolgt haar prooi. Twee nimfen en een roedel honden voegen zich bij de jacht. Met ontblote tanden bespringen de honden de hertenbok en de hinde die tevergeefs proberen te ontkomen. Het arme dierenpaar loopt immers vast op een op een hoge rots, gesuggereerd door het contrast met een eindeloos landschap in de verte.
Het tafereel, dat waarschijnlijk door een welgesteld beschermheer werd besteld voor zijn jachthuis of paleis, beeldt de jacht uit, een populair tijdverdrijf van de gegoede klasse. Daarnaast toont het ook de waardering van de opdrachtgever voor de klassieke mythologie.

Het grote doek werd waarschijnlijk geschilderd in opdracht van de familie Balbi uit Genua die in de 16de en 17de eeuw belangrijke mecenassen en verzamelaars waren van Antwerpse kunstenaars. De pendant van het schilderij, De triomf van Rome, is verloren gegaan. De inname van Rome wordt allegorisch voorgesteld door de gelijknamige godin die met haar handen op de rug de stad wordt uitgevoerd. Aan haar voeten loopt de wolvin mee die Romulus, de legendarische stichter van Rome, en Remus voedt. Op de achtergrond brandt de stad. Gesticht op 7 heuvels, wordt Rome hier op een heuvel afgebeeld.

Jan I Brueghel was samen met Rubens een van de leidende Antwerpse schilders. In tegenstelling tot zijn jongere collega werkte Brueghel met minutieuze penseelstreekjes in dekkende verf, waarmee hij uiterst gedetailleerde weergaven bereikte van zijn favoriete onderwerpen: het Vlaamse landschap en het stilleven. Omwille van zijn ongeëvenaarde nauwgezetheid kreeg hij de bijnaam ‘de Fluwelen Brueghel’.
Rubens en Brueghel kenden elkaar erg goed. Meer nog: ondanks hun verschillend temperament werkten de twee Antwerpse meesters vaak samen. Rubens schilderde meestal de figuren, terwijl Brueghel de fauna en flora voor zijn rekening nam.

Meer weten over het Rubenshuis? https://www.rubenshuis.be/nl