Op reis in eigen stad

Een dagje FRANKRIJK in Antwerpen

Bonapartedok

Napoleon Bonaparte (1799-1814): de Antwerpse haven wordt herboren

Napoleon wil Engeland onder de knieën krijgen; een strijd die enkel op zee kan uitgevochten worden. Hij beveelt dan ook Antwerpen uit te bouwen tot een marinebasis, een van de voornaamste van Frankrijk. Dat Bonaparte tot viermaal toe onze stad bezoekt, is zeker niet alleen uit bewondering voor haar patrimonium.

Intrede van de eerste consul Napoleon te Antwerpen in 1803 (modello)

1) Bij zijn eerste bezoek op 18 juli 1803, hij is dan nog consul, is Napoleon in gezelschap van zijn toenmalige echtgenote Josephine de Beauharnais. Het schilderij van Mathias Van Bree toont zijn aankomst aan het Bierhoofd. Zijn toespraak tot de notabelen maakt geschiedenis: “J’ai parcouru votre ville, elle ne présente que des décombres et des ruines” (Ik heb uw stad doorlopen, zij vertoont slechts puin en ruïnes).

Het echtpaar logeert aan de Meir, bij Nicolaas Werbrouck, broer van de maire en van de deken. Bonaparte bedenkt en bedankt de echtgenote van zijn gastheer met een juweel.

Hij is eregast bij een feestelijk vuurwerk. Men noemt hem de “Titus Français”. Enkele voorname burgers richten voor hem een 60-koppige “garde d’honneur” op. Leden van de families de Caters-Cogels en Van Ertborn maken er deel van uit.

Napoleon zet een ongekende vaart in de uitbouw van de Antwerpse haven. Antwerpen moet een “geladen pistool zijn, gericht op het hart van Albion”, dus in de eerste plaats een oorlogshaven. Op 15 mei 1804 verlaten al 54 transportschepen en kanonneerboten onze rede richting Oostende, voor de strijd tegen Engeland. Een van de boten draagt de naam ‘Ville d’Anvers’.

Het complex van de vroegere Sint-Michielsabdij wordt de kern van een enorme scheepstimmerwerf. (zie Pompstraat, geboortehuis van Hendrik Conscience, 1812).

Maar Napoleon maakt ook plannen die niet exclusief militair zijn. In de Nieuwstad werken 2000 man aan de aanleg van het eerste havendok ‘le Petit Bassin’.

Een Frans bezoeker, Breton, bewondert in 1804 vanop de linkeroever de aanblik van de Antwerpse rede en “duizend schepen” die getuigen van de herlevende havenactiviteit. Deze bloei is maar kortstondig: door de blokkade van Engeland in 1806 valt dit aantal terug op 400, tot grote ergernis van de Antwerpse handelaars.

Op 3 juni 1804 heeft te Antwerpen de eedaflegging plaats op de nieuwe grondwet van het jaar XII. Wij behoren dan voortaan tot het Franse Keizerrijk (1804-1814). De tijd van de “citoyens” is voorbij en het jaar XIV wordt terug 1806.

2) Napoleon, nu als keizer en in gezelschap van Marie-Louise, bezoekt van 30 april tot 6 mei 1810 voor een tweede maal onze stad om zich te vergewissen van de afwerking van de haven. Ditmaal komen ze aan bij de Houtkaai.

De keizer gaat naar het Vlaams Hoofd (de Linkeroever) voor zijn plan om daar een nieuwe stad op te richten: ‘Cité Marie-Louise’. Dit idee blijft nagonzen in de hoofden van de Antwerpse gemeenteraadsleden totdat het uiteindelijk in de jaren 1950-1960 echt wordt gerealiseerd.

3) De keizer komt nog een derde maal op bezoek en dit op 13 mei 1810. In november wordt “le Petit Bassin”, later Bonapartedok genoemd, onder water gezet. De Antwerpse haven is herboren.

4) In het najaar van 1811 volgt dan het vierde bezoek van Bonaparte (30 september-4 oktober). De keizer inspecteert vooral de fortificaties.

In 1813 volgt de opening van “le Grand Bassin”, later Willemdok genoemd. Deze havenwerken worden uitgevoerd door hoofdingenieur Joseph-Nicolas Mengin uit Nancy.

Ontwerp voor 'Cité Marie-Louise' op Linkeroever

Antwerpen blijft in Frans bezit tot na de troonsafstand van de keizer.

Op 5 februari 1814 heeft het Congres van Châtillon plaats. Napoleon krijgt er nog vredesvoorwaarden aangeboden: Frankrijk moet dan wel terugkeren binnen zijn grenzen van 1792. Hij weigert omdat hij dan onder meer niet meer kan beschikken over de haven van Antwerpen. Op 5 mei 1814 trekken de geallieerden Antwerpen binnen.

Op 30 mei 1814 bepaalt artikel XV van het Verdrag van Parijs: “dorénavant le port d’Anvers sera uniquement un port de commerce.”

Rondom het beroemde grafmonument van Napoleon Bonaparte in de Parijse Dôme des Invalides worden naar analogie met ‘de twaalf werken van Hercules’ de twaalf voornaamste verwezenlijkingen van de grote keizer vermeld. Wist u dat daarbij, jawel, “le bassin d’Anvers” hoort?

Op zijn beurt heeft het dankbare Antwerpen hem in de topografie het ‘Bonapartedok’ gegund en een ‘Napoleonkaai’. Tussen deze twee oudste havendokken wordt in 1903 een gedenkzuil onthuld die herinnert aan het decreet Napoleon (10 augustus 1803) over het graven van de eerste dokken van de Antwerpse haven: ‘le Petit Bassin’ (het Bonapartedok) en ‘le Grand Bassin’ (het Willemdok). Ondertussen zijn de Antwerpse havendokken talrijker en iets omvangrijker…