Op reis in eigen stad

Een dagje NEDERLAND in Antwerpen

Sint-Andrieskerk

Waaistraat / Pastoor Visschersplein
of (in de voormiddag) Sint-Andriesstraat 5A

Voor de oorsprong van deze kerk moeten we terug naar het begin van de 16de eeuw, toen augustijnen uit Enkhuizen hier een klooster oprichtten. De bekendste 16de-eeuwse augustijn is wellicht Maarten Luther en spoedig bereikten zijn ideeën ook zijn Antwerpse medebroeders. Het tragische resultaat is dat de eerste twee protestanten die omwille van hun geloof werden terechtgesteld, Antwerpse augustijnermonniken waren. Hendrik Voes en Jan Van Essen, allebei uit ’s-Hertogenbosch, eindigden op 1 juli 1523 in Brussel op de brandstapel.

Jan van Essen en Hendrik Voes op brandstapel - L.Rabus 1554
Gedenkplaat voor de protestantse martelaren

In het hoogkoor hangt het grote schilderij ‘De marteling van Sint-Andreas’ door Otto van Veen (° Leiden 1556). Dit indrukwekkende schilderij heeft zwaar geleden door opeenvolgende restauraties, maar in de schatkamer van de kerk hangt het modello (de uitgewerkte olieverfschets). Hier ziet u een waar virtuoze schilder aan het werk, van wie Rubens ongetwijfeld veel geleerd heeft.

Het klooster wordt opgeheven en de kapel, die in de loop der eeuwen plaats maakt voor de kerk die er nu staat, wordt verheven tot parochiekerk. In de winter van 1885-1886 verblijft Vincent Van Gogh een viertal maanden in Antwerpen en bezoekt o.a. de Sint-Andrieskerk. In een brief aan zijn broer Theo schrijft hij over het eerste glasraam in de Mariakapel: “Een geschilderd venster dat ik superbe vind, zeer curieus”. Jammer genoeg moest dit raam na de Tweede Wereldoorlog zodanig hersteld worden, dat wij nu niet meer exact hetzelfde zien als dat wat Van Gogh toen zag…

Reliekschrijn van de 36 heiligen

Boven de koorbanken hangen kleine schilderijtjes. De oudste (36 stuks) werden gemaakt door Theodoor Boeijermans (1620-1678) ten behoeve van de Sint-Salvatorabdij, ook wel Pieter Potabdij genoemd naar haar uit Utrecht afkomstige stichter. Deze bezat een schrijn voor zesendertig heiligen. Na de opheffing van deze abdij in 1802 kwamen relieken naar deze kerk. Achteraan kunt u ook het enorme zilveren reliekschrijn bewonderen dat hiervoor in 1845 werd gemaakt. Van elke betrokken heilige schilderde Boeyermans een voorstelling op paneel. Onder hen ook twee “Nederlandse” heiligen: de Friese monnik Sint-Hathebrandus (uit de buurt van Groningen) en de zalige Gertrudis van Oosten uit Delft. Volgens sommigen zou zij de schrijfster zijn van het lied “Het daghet in den oosten”, over een meisje dat na de dood van haar geliefde besluit in het klooster te gaan.