Op reis in eigen stad

Een dagje SPANJE in Antwerpen

De kathedraal van Onze-Lieve-Vrouw

Vorsten in goddelijk zonlicht

Handschoenmarkt

Spaanse bezoekers mogen zich, nog meer dan andere, volop thuis voelen in de hoofdkerk van Maria-ten-hemel-opgenomen (Santa Maria de la Asunción) en wel dankzij de glasramen.

Landsheren ‘bij de gratie Gods’ afficheerden hun gezag moeiteloos in de hoofdkerken van hun voornaamste steden, maar namen dat een voorbeeldige houding aan in aanbidding voor God en Christus of in verering van een heilige. Met hun koningstitel in Spanje vind je hier dan ook de voorstelling van twee eeuwen Spaanse dynastieke opvolging.

In de kapel van Sint-Antonius (vroeger die van het stadsbestuur) vind je het ‘Bourgondische glasraam’ (1503) met de eersten in de rij Filips de Schone (Felipe el Hermoso; 1493-1506): en Johanna van Castilië, bekend als la Loca (de Waanzinnige), gehuwd in Lier in 1496. De vroegtijdige dood van de eerste troonopvolgers maakte van deze prinses de vorstin van de verenigde kronen van Aragon en Castilië. De aanleiding voor deze ramen was puur economisch: het hernieuwen van de handelsverdragen met Engeland. Daarom staan koning Hendrik VII en Elisabeth van York op het ‘Engelse glasraam’. (de originelen uit 1506 werden creatief gerestaureerd).

Filips II (1555-1598) laat zich in beeld brengen met zijn toenmalige echtgenote Mary Tudor, in de apsis boven het hoofdaltaar (1556), in de focus van ieder die de kerk betreedt. De gelegenheid was hier het houden van het 22ste kapittel van de orde van het Gulden vlies in januari 1556, volgens het handgeschreven verslag en la florissante ville d’Anvers; in dit kapittel werd Willem van Oranje, opgenomen als ridder, hij die later de rebellie zou leiden.

Onder deze vorst beleefde Antwerpen zijn hoogste glorie en zijn grootste rampspoed. De oorlog in de Nederlanden zal de stad diep treffen en haar na 1585 achterlaten als een centrum van tweede rang.

Filips liet in 1598 de (Zuidelijke) Nederlanden aan zijn dochter en oogappel, Isabella Clara Eugenia, die met aartshertog Albrecht (haar volle neef) met een eigen dynastie politieke autonomie zou verwerven; het drama van dit koppel (en van onze landen) is dat ze geen levende kinderen hadden, waardoor we terugvielen onder de Spaanse kroon. Tegelijk begon hier een ‘Belgisch’ gevoel van eenheid te groeien.

Na de dood van haar echtgenoot, die als bekwaam diplomaat het Twaalfjarig bestand met de Staatsen had onderhandeld, werd Isabella slechts gouverneur en hulde ze zich als rouw in het habijt van de clarissen.

Van hun zoon, Keizer Karel V (1515-1555), rest er enkel het maaswerk in de westgevel (1540) met de wapenschilden van hemzelf en van zijn echtgenote Isabella van Portugal. Hun meer dan levensgrote portretten werden verbrijzeld tijdens het Frans Revolutionair Bewind. Maar het stratenplan in de omgeving is nog een tastbaar bewijs van zijn présence. In 1521 legde Karel namelijk de eerste steen van de megalomane uitbreiding van de Onze-Lieve-Vrouwekerk langs de koorzijde. De Antwerpenaren wilden hun parochiekerk, tot de grootste ter wereld maken: wegens brand, Reformatie, oorlog … bleef het bij funderingen, kolommen, muren, de kromming van de straten Lijnwaadmarkt – Melkmarkt – Sint-Pietersstraat, en de ingesloten tuin.

Onze aartshertogen Albrecht en Isabella, wijs en geliefd, worden op hun glasraam in de noorderdwarsbeuk (1616) onder een glorieuze triomfboog in beeld gebracht als grote vereerders van Christus (de ‘Zwarte God’ van Hoboken) en van Maria voor wie zij de barokke basiliek van Scherpenheuvel hebben laten bouwen, die men op de achtergrond geëvoceerd wordt.

Het raam dat met steun van koning Filips III (1598-1621) postuum in 1622 werd geplaatst, werd omwille van zware stormschade in 1803 uitgenomen.

Voor zijn opvolgers is geen opvallend glasraam meer ter beschikking. Filips IV (1621-1665) komt dan ook niet in beeld, maar diens zoon, de laatste Spaanse Habsburger, koning Karel II (1665-1700) heeft hier eerder toevallig, lang na zijn dood, een afbeelding gekregen. Op het geschilderde rechterluik van het neogotische retabel in de Sint-Jozefskapel knielt hij voor de heilige Jozef die hij tot beschermheer van de Zuidelijke Nederlanden uitriep (Louis Hendrickx, 1873).

Het Spaanse politieke verhaal is daarmee nog niet afgerond. De eeuwenoude devotie tot Maria inspireerde de reeks neogotische glasramen in de noordbeuk. De herovering van Antwerpen voor het wettig gezag van Spanje in 1585 suggereerde het onderwerp ‘Farnese biedt de sleutels van de stad aan Maria aan’ (derde van links). In dit romantisch tafereel dat een van de belangrijkste feiten uit de geschiedenis van Antwerpen weergeeft, staan op de achtergrond een paar soldaten in dienst van het Spaans gezag.

Wist je dat de orgels van het Escoriaal, het kloosterpaleis van Flips II, vervaardigd werden door onze Gillis Brebos & Zonen, die eerder in het grote orgel in deze kerk hadden gebouwd?

En wist je dat Filips II, door zijn huwelijk met Mary Tudor van Engeland, de preken in de Antwerpse hoofdkerk aan Engelse predikanten als voorbeeld voorhield?